Mechanische deurbel

Posted: under Hergebruik.

Millieubewustzijn hoeft niet zo ingewikkeld te zijn: neem gewoon een mechanische in plaats van een elektrische deurbel! Als iedereen dat doet scheelt het toch weer een slok op een borrel. In iedere goede gereedschapzaak te verkrijgen.

Reacties (0) Oct 31 2011

Geld maakt ziek

Posted: under Samenleving.

Hoe je het ook wendt of keert, wij zijn verslaafd aan geld. Geld, ooit begonnen als ruilmiddel voor eten en drinken, is een eigen leven gaan leiden. Het verschaft ons macht, status en aanzien. En niet in de minste plaats de illusie dat geluk te koop is. Als je maar geld hebt. En daar begint het probleem. Je hebt nooit genoeg. Of een ander heeft meer. En lijkt dus gelukkiger. Meer en beter willen zit nu eenmaal in de mens. Dat is ook ons unieke aanpassingsvermogen aan vrijwel alle omstandigheden. En de geschiedenis leert ons dat kennelijk het kapitalisme het beste bij ons past. Individuele vrijheid, vrije markt en winst zijn ons op het lijf geschreven.

En toch zijn de grenzen van het bijna grenzeloze kapitalisme bereikt. Of zelfs overschreden. Want de financiële wereld is totaal door- of dolgedraaid. Beurzen, het zijn net gokkasten. Er is geen peil op te trekken. Het is ook een vreemd gegeven, geld met geld maken. En met wiens geld wordt er getracht geld te maken? Het spreekwoord luidt: geld jongt niet Je moet er dus voor werken. Bijvoorbeeld een product maken. Maar het rare is dus dat geld ook een product is geworden. Maar wel een product waar de lokale, nationale en mondiale economieën totaal afhankelijk van zijn geworden. Je zou kunnen zeggen dat we ons zelf ophangen in ons streven met minimale inspanning zo rijk mogelijk te worden. Dat geldt zeker in de bankwereld. Het blijkt alleen geen duurzaam systeem te zijn.

Weet u nog hoe het begon met dat geld? De mens ontwikkelde zich van zelfvoorzienende landbouwer tot een steeds specialistischer wezen. En als je zelf niet meer je eten verbouwt of dieren houdt, moet je werken om je eten te kunnen kopen. Dat basisprincipe, voorzien in de eerste levensbehoefte, dat staat momenteel ook onder druk. Want als je bedenkt hoe lang de reis is die ons eten moet maken om voor ons betaalbaar te kunnen zijn, schrik je toch wel. Die reis vergroot alleen maar de kans op besmetting met een bacterie als bijvoorbeeld EHEC. Het moet alleemaal zo goedkoop mogelijk geproduceerd worden. Dus wordt uitgeweken naar lage lonen landen of zelfs naar landen waar het gebruik van verboden bestrijdingsmiddelen nog mag. Of de schaalgrootte van onze voedselproductie is zo immens dat het bestrijden van ziektes alleen nog maar voor de gehele dierenpopulatie mogelijk is. Bijvoorbeeld het preventief toedienen van antibiotica aan kippen. Waardoor sommige antibiotica ons in geval van ziekte niet meer kunnen helpen. Of dioxine in kippen of paling.

Eten mag niets kosten én er moet veel winst mee gemaakt kunnen worden. Weet u nog, minimale inspanning maximaal resultaat? Het lijkt er op dat we ons zelf letterlijk vergiftigen met onze zucht naar veel winst of zeer goedkope producten. We willen immers met ons geld zoveel mogelijk materieel geluk kunnen kopen. Maar een normale prijs voor ons eten betalen, dat lukt ons niet meer. Gelukkig is ons drinkwater nog schoon. Maar ook daar is een oplossing voor: schaliegaswinning! Er valt veel geld te verdienen. En ach, die miljoenen liters water die er voor nodig zijn, en de 98 soorten chemicaliën die uiteindelijk is ons drinkwater terecht komen, wat maakt dat nou uit? Hij keek of hij water zag branden. In schaliegaswingebieden is dat dus echt mogelijk!

Maar wat heb je aan welvaart zonder welzijn? Welzijn begint met gezond en voldoende voedsel, schoon drinkwater en onderdak. En zelfs dat is ondanks onze welvaart geen mondiaal gemeengoed. Alleen integriteit en collectief bewustzijn kunnen ons nog redden van onze eigen hebzucht. In Brazilië gaat het bijvoorbeeld momenteel heel goed. Wat zei de toenmalige president Lula ook al weer? Ik wil dat elke Braziliaan ’s ochtends koffie kan drinken en ’s middags en ’s avonds te eten heeft. Lijkt me een leuk mondiaal streven.

Reacties (0) Sep 06 2011

Autonome zonnestroom

Posted: under Hergebruik.

Als de elektriciteit uitvalt zit je niet alleen zonder licht, maar ook zonder CV, internet en telefonie via de kabel. Een CV heeft stroom nodig om te kunnen werken en op coax staat geen spanning. De CV heeft genoeg gas, maar geen hersenen meer om het te ontsteken. Het internet werkt, maar je kunt er niet bij. Dat moet toch anders kunnen! Nu had ik nog een autoaccu staan die wel stroom hield, maar geen startaccu meer was. Autoaccu’s gaan meestal stuk als ze een keer helemaal leeggeraakt zijn. De andere onderdelen heb ik gekocht. Een omvormer van 12 naar 220 Volt 300 Watt en een gewone zonnecel om de accu op spanning te houden, Zo een die je ook in je auto zou kunnen leggen. Daarnaast wat aansluitmateriaal: een oude accukabel en een ijzeren staaf van twee meter voor de aarde van het systeem.

Eerst maar eens de aarde aangesloten. Een echt goede lasser ben ik niet, maar het zit vast en het geleidt zullen we maar zeggen.

Nu de omvormer op de plus en de min van accu aangesloten. Let op de spatbordstang van een fiets die dienst doet om de omvormer via de min van de accu op de aardestaaf aan te sluiten. Toch de garage maar eens opruimen om de kabel te vinden die ik er eigenlijk voor bedoeld had.

Nu maar eens aanzetten. Benieuwd of de conditie-indicator van de accu, groen, inderdaad betekent dat de accu niet stuk is en stroom levert. Oude wekkerradio op de omvormer aangesloten en schakelaar van de omvormer aangezet en ……. een kort fluitje en niets. De kabels en klemmen maar eens aangedraaid en vaster geklemd en ….. geluid! Ok, en nu een looplamp aansluiten. En er is licht! Maar wat is dat voor geluid? O ja, de omvormer heeft een ventilator die nu kennelijk wel aanslaat omdat hij harder moet werken om het traditionele peertje (foei!) te ontsteken.

Goed, nu kan ik me dus redden zonder elektriciteit, ik heb nu een draagbare energievoorziening. Alleen de aardestaaf is niet echt draagbaar. Wellicht koppelen aan de bliksemafleider? Goed, het zal niet zo vaak echt nodig zijn, maar toch leuk dat je verder kunt als de elektriciteit is uitgevallen. Volgens de handleiding werkt niet alles er op, maar wel gratis licht in de garage!

Reacties (0) Jun 30 2011

Hemelwater onder de grond

Posted: under Hergebruik.

De maand mei van dit jaar was extreem droog. Als je een groene tuin hebt ben je genoodzaakt deze veelvuldig te sproeien met drinkwater. Dat is zonde van het drinkwater en drinkwater is eigenlijk niet zo goed voor de planten. Een oplossing zou kunnen zijn overal regentonnen te plaatsen. Het nadeel daarvan is dat ze veel ruimte innemen, een beperkte capaciteit hebben en dat er algengroei in plaats vindt. Een voordeel van in een oud huis wonen is dat ze vroeger ook allerlei oplossingen hadden voor dagelijkse problemen. Onder mijn terras ligt zo’n oplossing: een septic tank. Van zo’n tank wordt gezegd dat je de wanden er van moet stukslaan en het gat vullen met zand. Maar ik zag potentie in dit stukje techniek van vroeger. Een handwaterpomp opsnorren, eentje met authentieke details, en aansluiten op deze grote ondergrondse watertank! Zo gezegd zo gedaan. Eerst de septic tank maar eens opgespoord. Deze bleek al vol te staan met ,op het oog, schoon water.

Ik had ergens gelezen dat er in septic tanks op de bodem altijd een laag onverwerkbaar residu achterblijft. Goed, dus eerst maar eens alles afpompen richting riool. Inderdaad een laag residu. Ook afgepompt en de tank schoongespoten. Uit hygiënische overwegingen toch maar besloten enige filtering aan te brengen. Je weet maar nooit, en hemelwater is ook niet altijd schoon. Dus wat rioolpijp gekocht en een T-stuk. Dit T-stuk aan de uiteinden afgedekt met worteldoek. Binnenin het T-stuk wat filterwatten, metselzand, zilverzand, actief koolstof en wat materiaal om ammonia te filteren.

Het T-stuk staat op de bodem van de tank en in de rioolpijp is de aanzuiging van de waterpomp geplaatst. Let ook op het drijvertje met touw en de tuinslang.

Dit is om later de waterstand te kunnen bepalen. Als het teveel regent wil je wellicht de regenpijp omschakelen op het riool. Het ondereinde van de pijp heb ik draaibaar gemaakt om te kunnen omschakelen. Anders zakt misschien het hele terras later wel in. De waterpomp was inmiddels ook gevonden, maar moest gereviseerd worden. De door mijn zoon op school versierde bergschoen diende als donor voor het pompleertje.

Het leertje heeft twee dagen in het water gelegen om soepel te worden. De montage met wat vet leverde een perfect werkende pomp op. Hier de geinstalleerde pomp en de maatverdeling voor het waterniveau. Het klosje boven geeft aan dat de tank bijna vol is, het klosje onder is het contragewichtje.

Nu nog het terras afmaken. Er moet een altijd schijnende zon met stralen op komen, natuurlijk door bestaande stenen her te gebruiken.

Reacties (0) Jun 21 2011

Wat voor relatie heb jij met je werkgever?

Posted: under Werk.

We doen altijd maar alsof iedereen gelijk is. Dat is dus pertinent niet waar. Gelijkwaardig, dat wel, maar zo ongelijk als de spreekwoordelijke pest. Gelukkig maar, het zou anders maar wat saai worden. Om deze ongelijkheid in kaart te brengen, moet je eerst een referentiekader hebben. Voor werkgevers is het belangrijk te weten met welk type werknemer zij van doen hebben. Het in 1998 gepubliceerde boek ‘de paradijsfabriek’ heeft het over het boeien en binden van werknemers. Dat boeien en binden wordt steevast in één adem gebruikt door werkgevers. Foutief, want het gaat om twee typen werknemer die volkomen verschillend in de arbeidswereld staan. Een beschrijving van de deze twee typen kun je lezen in http://www.ridw.nl/index.php/werk/wat-voor-werknemer-ben-jij. Filosoferend en voortbordurend kwam mijn gewaardeerde collega Ronald van der Duin tot een andere indeling, één in vier typen:

De eerste is de werknemer die vooral de organisatie dient. In de terminologie van de paradijsfabriek is dit de uitermate betrokken medewerker. Een idealist en een altruïst tegelijk. In veel organisaties is dit de medewerker die er bekaaid vanaf komt, zo weinig bezig als hij is met zijn eigen gewin. Ook wordt hij het minst begrepen of zelfs als een gevaar of risico gezien. Want op werknemers die zich extrinsiek laten paaien heb je grip, op intrinsiek gemotiveerde mensen niet. Als het niveau van moreel redeneren van de werkgever lager is dan dat van deze werknemer, wordt van de laatste vaak niet begrepen waarom deze zich zo inzet. Er lijkt geen duidelijk aanwijsbaar persoonlijk gewin te zijn.

De tweede werknemer is de extreem geboeide werknemer. Deze is zo goed op de hoogte van wat er te halen is dat er op termijn ook niets meer te halen valt. Dan wordt getracht ergens anders een betere deal te bedingen. Zolang deze werknemer tevreden gehouden kan worden, en daar richten veel organisaties zich op, is er geen vuiltje aan de lucht. Deze werknemer is te koop en meestal zeer duidelijk in eisen en wensen. In zekere zin ‘appeltje eitje’ voor de werkgever. Men kan elkaar gebruiken.

Werknemer nummer drie is de werknemer die het niet uitmaakt. Het maakt hem niet uit waar hij werkt. Ongeacht de werkgever zal hij zijn werk doen. Werk is een middel en geen doel. Er is geen hoogte en geen laagte. Deze werknemer doet zijn ding op routine en de automatische piloot. Er is weinig betrokkenheid met de missie van de organisatie of het op een hoger plan brengen ervan. Voor de werkgever onttrekt deze werknemer zich aan het zicht. Wat hem drijft of beweegt, men weet het niet. Toch heeft men elkaar blijkbaar nodig, als in een symbiose, maar men kent elkaar niet en laat elkaar met rust.

De vierde en laatste medewerker is het meest uitgebalanceerd binnen een organisatie. Werknemer en werkgever weten precies wat ze aan elkaar hebben. En wat er in komt gaat er uit. De relatie is balans, wederkerig. Voor wat hoort wat en daarover bestaat overeenstemming.

Moraal? Je moet bij elkaar passen. Je kunt dit schema in feit voor elke relatievorm gebruiken. Als beide partners in de relatie hetzelfde in de relatie staan, zal de relatie een grotere kans van slagen hebben.

Reacties (0) May 31 2011

Hoeveel kwartjes van Kok is 130?

Posted: under Politiek, Psychologie.

Terecht merkt Luuk Koelman op dat de auto de ultieme vrijheidsbeleving is. In weerwil van de problemen als files, gebrek aan parkeerplaatsen en de kosten, is de heilige koe het laatste wat mensen zouden laten staan. Desnoods maar wat minder eten, maar de auto moet blijven ronken. En nu kan liberaal Nederland de vingers aflikken bij de plaatselijke verhogingen van de maximum snelheid. 130, wauw! In plaats van dat je 160 kon op de afsluitdijk, kun je nu nog maar 130 omdat er strenger op gecontroleerd wordt.

En het kwartje van Kok zit erg diep bij iedereen. Natuurlijk was dat een ordinaire manier om gaten in de begroting elders te dichten. Maar niemand lijkt zich individueel af te vragen hoeveel kwartjes van Kok het rijden van 130 ten opzichte van 120, 100 of de zuinigste snelheid van 90 kilometer per uur kost. En de tijdswinst is te verwaarlozen in een klein land als Nederland. Natuurlijk is het leuk om een snelle auto te hebben en die eens even flink op de staart te trappen. Een stoplichtsprintje, leuk zo af en toe. Maar altijd en overal? Economisch en milieutechnisch verantwoord is het niet, en zeker ook niet veiliger.

Als we nu de reden waarom die auto de uitdrukking pur sang van onze vrijheid is even parkeren, dan zou je kunnen zeggen dat het verplaatsen van A naar B de essentie is van vervoer. Wat zou je als overheid hierin kunnen en willen betekenen? Hopelijk ligt de focus niet op accijnsmaximalisatie. De enige zinnige focus is die op het gebruik. En gebruik is gedrag van mensen. En dat wil je beïnvloeden. Er zijn een aantal obstakels die je zou moeten opruimen voordat je het ideale systeem hebt. In willekeurige volgorde zijn dat wegenbelasting, milieusubsidie, leasen en verzekering.

In het beïnvloeden van gedrag is het belangrijk dat actie reactie is. De milieusubsidie voor kleine schone zuinige auto’s is een voorbeeld van hoe het niet moet. Die schone en zuinige auto zou op zich al belonend genoeg moeten zijn. En anderen draaien onterecht op voor de kosten van de kwijtschelding van BPM en wegenbelasting. Als iedereen gebruik zou maken zou het systeem meteen al onbetaalbaar zijn. En in schone zuinige goedkope auto’s zien mensen een rechtvaardiging om die auto vaker te gebruiken. Hoe moet het dan wel? Wegenbelasting bij de benzine in. Moet in Europees verband te regelen zijn. Weg ook met het geneuzel van de provinciale opcenten. Leasen met brandstofpas is dodelijk voor het gebruik en verbruik van fossiele brandstoffen. Waarom zou je zuinig of voorzichtig rijden als het je toch niet zelf hoeft te betalen? Verzekering kan al op basis van verreden kilometers. Als dit geregeld is, is er een rechtstreeks verband tussen gebruik en de kosten. En dat levert uiteindelijk ook verantwoordelijker gedrag op.

Reacties (0) Mar 10 2011

Groepsdenken, politiek en eclectiek.

Posted: under Politiek, Psychologie.

Groepsdenken, geïntroduceerd door Irving Janis, is het denken waarbij de tot elkaar “veroordeelden” van een groep zo in elkaar opgaan dat elke vorm van kritiek verstomt of in de kiem gesmoord wordt. En dat staat een adequate besluitvorming in de weg. Als je een vergelijking maakt met wetenschappelijk onderzoek dan zou je zeggen dat een hypothese of veronderstelling waar is als die geverifieerd of bewezen kan worden. Maar in goed onderzoek zou je ook moeten bewijzen dat het vermoeden dat je hebt, niet ook te weerleggen is. Falsificeerbaarheid dus. Als mensen beginnen te lachen als je langsloopt, kan een normale reactie zijn; “lachen ze om mij? Ach welnee, en wat dan nog”. Het wordt pas een probleem als je er rotsvast van overtuigd bent dat het om jou gaat.

In groepsdenken wordt ook niet meer getracht het tegendeel te bewijzen van wat als “waar” wordt beschouwd. Dit kan tot gevolg hebben dat twee groepen die lijden aan groepsdenken loodrecht tegenover elkaar komen te staan. Hoewel in elk van de groepen zich bekwame individuen bevinden raken zij als groep toch in een schoolstrijd verzeild. Beiden overtuigd van het eigen gelijk hebben zij geen zicht meer op de standpunt en van de ander. Er vindt ook geen toetsing aan de realiteit meer plaats. Als je het heel zwaar aanzet zou je van een collectieve waan of psychose kunnen spreken.

In de psychologie is de eeuwenoude schoolstrijd tussen aanleg en opvoeding, “nature and nurture”, een voorbeeld van groepsdenkende partijen. Die partijen zijn zo druk met elkaar bestrijden dat het zoeken naar een gezamenlijk meer bevredigend standpunt uitblijft. Dat het antwoord mogelijk in het midden ligt in de interactie tussen beide, raakt daarmee ondergesneeuwd. Er wordt niet meer buiten het eigen referentiekader, “out of the box”, gekeken.

De meest intensieve vorm van groepsdenken vinden we in de politiek. Hoewel het niet voorbehouden is aan deze partij, is het CDA-congres van 2010 naar aanleiding van het wel of niet regeren een knap staaltje groepsdenken. Maar het zou net zo goed een andere partij kunnen zijn. Zo zag ik ergens Alexander Pechtold een middenstander proberen te overtuigen van zijn overtuiging dat winkels zondag open moeten zijn. Dat die ondernemer aangaf dat het voor hem zowel materieel als immaterieel niet mogelijk was, deerde de D’66 leider allerminst. Maar op dat CDA-congres was het proces van groepsdenken toch wel het meest zichtbaar. Een belangrijk onderdeel van groepsdenken is het aanwijzen van zogenaamde “mindguards” die de groep moeten beschermen tegen andersdenkenden. Deze rol werd op het congres zeer duidelijk vervuld door een sentimentele Maxime Verhagen en een plots zeer hartstochtelijke verdediger van de christelijk-democratische waarden in de persoon van Camiel Eurlings. Die vervolgens later een zakelijke en misschien ook wel een goede keus maakt voor een echte baan bij de KLM.

De druk op de andersdenkenden is in dit geval een emotionele, want kom niet aan ”onze partij”. Dit is iets wat in alle politiek partijen speelt met als gevolg dat andersdenkenden zich wenden tot andere, desnoods populistische partijen. In die zin kun je zeggen dat als een politieke partij kritische geluiden van zowel leden als kiezers uitbant, dat deze zich uiteindelijk ergens anders in een andere vorm manifesteren. Is er dan geen redding uit deze patstelling? Ja, die is er. De uitweg heet eclectiek in plaats van politiek. Eclecticisme is leentjebuur spelen. Kies niet één oplossingsrichting, maar kies uit de veelheid van landelijke of mondiale oplossingen de best passende. Het beste is de dialoog aan te gaan zonder de ander te willen bestrijden of je eigen gelijk te willen halen. Zo zag ik Paul Rösenmuller als enige het fatsoen hebben en de tegenwoordigheid van geest om met Pim Fortuyn inhoudelijk in discussie te gaan. De anderen probeerden het niet een vanuit een soort afkeer of gevoelens van meerwaardigheid. Andermans zaak, de Nederlandse staat, moet belangrijker zijn dan het gelijk van de eigen partij. Het “wij en zij” gevoel houdt op als er een gemeenschappelijk doel is te bereiken. Maar dan ook alleen als doel slechts door samenwerking is op te lossen. Misschien gaat het daar nu nog te goed voor.

Reacties (0) Feb 22 2011

De staat van de Nederlandse verzorgingsstaat.

Posted: under Politiek, Psychologie.

Vadertje staat begon zo mooi. Iedereen zou in redelijk gelijke mate van de welvaart kunnen profiteren. Geen uitbuiting van arbeiders of loonslaven meer. Geen gezeik iedereen rijk. De overheid zou voor ons waken en zorgen. Sociale wetgeving is een groot goed dat hoort bij welvarende landen. Het is een heel goede intentie om voor je burgers te willen zorgen. Maar de mens weet geen maat te houden. Het kan altijd mooier, beter, sneller en vooral groter.

Als de welvaart blijft aanhouden verwordt de verzorgingsstaat tot een verwenningsstaat. En dat is uiteindelijk geen staat waar burger of overheid bij gebaat is. Voor de burger dreigt het gevaar van een initiatiefloos hedonisme en een voortdurende staat van ontevredenheid. En voor de overheid dreigt stilstand omdat links noch rechts in staat is de vermeende puinhopen van “de andere partij” op te ruimen. Zo is de politiek meer bezig met een schoolstrijd met de andere politieke kleur dan een duurzame oplossing te vinden voor de problemen. En die zijn er genoeg. De mensen aan het roer van een welvarend sociaal systeem zijn uiterst creatief in het verzinnen, handhaven of uitbouwen van riante regelingen om het de mensen nog meer naar de zin te maken.

De introductie van regelingen brengt met zich mee dat mensen binnen én buiten de regeling vallen. En verregaande verbedrijfstakking van de overheid met bureaucratisering als logisch gevolg. Het is de vraag of je dat moet willen. Het uitgangspunt was mensen gelijke kansen te bieden. Op basis van goed onderwijs, goede gezondheidszorg en goede arbeidsomstandigheden zouden de burgers in staat moeten zijn zichzelf gelukkig te maken. Want dat is een individuele taak.

Geen enkel systeem is in staat tot brengen van geluk aan al haar onderdanen. Dat is lijkt echter wel de missie van met name democratie. Voor dat je het weet zit iedereen levenslang aan het overheidsinfuus. En het infuus lostrekken zou politieke zelfmoord zijn. Politiek is dus pappen en nathouden en vooral veel emotie. En emotie kun je missen als kiespijn bij het regelen van zaken.

Hoe kan het dan wel ? Voor de relatie overheid burger gelden dezelfde opvoedkundige principes als voor de relatie tussen ouder en kind. Wat doet een opvoeder anders dan de voorwaarden scheppen voor de kinderen? Die kinderen verschillen per definitie. Ze zijn gelijkwaardig, maar niet gelijk. De één is beter in sport, de ander in leren. Het enige wat je als ouder kunt doen is ze dezelfde kansen geven en een goede begeleiding. Bijsturen waar nodig. Maar uiteindelijk moeten zij zelf hun weg vinden. Dat kan en moet je niet voor ze willen doen. Als je de één bevoordeelt en de ander benadeelt is er grote kans dat de eerste verlamd raakt door afhankelijkheid en de laatste door wrok.

Een op wetenschappelijke inzichten gestoeld zakenkabinet zou deze neutrale gelijke behandeling kunnen bewerkstelligen. Een basis voor al haar burgers. Die op basis daarvan zelf verantwoordelijk zijn voor de invulling van hun geluk.

Reacties (0) Feb 08 2011

Morele verontwaardiging is aangeleerde hulpeloosheid.

Posted: under Politiek, Psychologie.

Morele verontwaardiging is uitroepen “Heb je dat gehoord? Schandalig! Weer eenTBS-er ontsnapt!” De politiek verzwaart hierop de TBS zonder aanziens des persoons. Volgens advocaat Heidanus stagneert hierdoor de doorstroming terwijl TBS-ers ten opzichte van langgestraften veel minder terugval kennen. Duidelijk een geval van kind met het badwater wegspoelen om tegemoet te komen aan de publieke opinie. En die is er één van morele verontwaardiging. En waar sprake is van morele verontwaardiging daar vertroebelen de feiten. Want de bevestiging van het eigen gelijk en het zwelgen daarin is belangrijker.

Je zou ook kunnen zeggen dat het meegaan is in de waan van de dag. Er is altijd wel iets wat “de” media kapen om er goede sier mee te maken. Morele verontwaardiging is ook een soort aangeleerde hulpeloosheid, een onvermogen de gang van zaken te veranderen of te beïnvloeden en het dan maar opgeven. Of deze machteloosheid te verdrinken in verbittering. Waar denkt u dat een rat die in een emmer water valt aan overlijdt? Een hartaanval zegt u? Bijna goed, hij overlijdt aan een overmatige ontspanning van de hartspier. Met andere woorden: in deze uitzichtloze situatie geeft hij het op.

Overigens is morele verontwaardiging net als bijvoorbeeld roddelen een volkomen normale uitlaatklep voor spanningen als gevolg van kennelijk onvermijdelijke gebeurtenissen. Ook harde grappen over grote ongelukken horen daarbij. Het is een soort verdunning voor de eigenlijk niet te verwerken of te verteren werkelijkheid. Al blijft het natuurlijk het beste dat je wel invloed kunt uitoefenen op je situatie. Mijn vermoeden is dat zeker in welvarende landen mensen juist dat gevoel zijn kwijtgeraakt. En dat ze zich overgeleverd voelen aan instituties, bureaucratie, politiek en managementcultuur.

Die machteloosheid van mensen gaat zich vroeg of laat uiten. Er zijn ook geen helden meer, leiders die je blindelings kunt volgen. Eén voor één vallen ze van hun voetstuk. De mensen zijn ook murw, hebben er geen vertrouwen meer in. Actiebereidheid is niet meer van deze tijd. Verhoging van de AOW-leeftijd, verdamping van pensioenfondsen, het brengt niemand meer op de been. VPRO’s tegenlicht vroeg zich terecht af naar aanleiding van de bankencrisis “waar is de woede?”

En toch moet de beweging van onderaf komen. En dat gebeurt ook, op een “de onderste steen moet boven komen” manier. Het oproepen tot bankruns, het opkomen van populisten die zeggen wat nooit gezegd mocht worden en Wikileaks zijn allemaal tekenen aan de wand. En wat vroeger “underground” was heet nu “social media”. Er is dus wel het een en ander scheefgegroeid in de relatie individu en “maatschappij”. Er zullen mensen op moeten staan en een nieuwe orde moeten vormen. En dat kan, zeker via internet. De wereld is nog nooit zo klein geweest. Crowdsourcing, here we come! Bottom-up moet er toch top-down verandering te bewerkstelligen zijn?

Reacties (0) Jan 17 2011

Polarisatie leidt tot crises, balans tot groei.

Posted: under Leiderschap, Politiek, Psychologie.

Polarisatie in de techniek betekent dat iets een (voorkeur voor een) bepaalde richting heeft. Polariseren is het actief benoemen en gebruiken van de al opgetreden polarisatie. In deze binaire wereld lijkt alles wel aan of uit te zijn. Je bent voor of tegen. Elke vorm van nuance lijkt daarbij te ontbreken. Daarbij is het helemaal niet zo dat tegenpolen elkaar aantrekken. Integendeel, zij stoten elkaar alleen maar af. De golfbeweging tussen linkse en rechtse politiek, socialisme en kapitalisme het heeft allemaal te maken met onbalans. Kapitalisme zonder socialisme resulteert in financiële crises. Socialisme zonder kapitalisme remt elke vorm van groei of vooruitgang. Daarom is het zo jammer dat, zoals in elke schoolstrijd, altijd één van beide vormen eenzijdig aan de macht komt. En dan komt weer het verlangen naar de andere vorm. Van het ene uiterste in het andere uiterste. Het is een soort wip waarbij de een beneden is en de ander boven.

Hein Wendt heeft in zijn promotieonderzoek aangetoond dat bijvoorbeeld een gebalanceerde sekseverhouding een organisatie ten goede komt. Hij onderscheidt daarbij mensgericht en taakgericht management. Mensgericht management komt de samenwerking binnen en tussen teams ten goede. Zo bezien zou je dan de financiële crisis kunnen zien als doorgeschoten taakgerichtheid en ook nog eens gericht op de verkeerde taak. Namelijk zoveel mogelijk winst waarbij geen middel geschuwd wordt. Zou er wat meer mensgerichtheid zijn geweest of wat meer wederkerigheid, dan zou het nooit zover gekomen zijn.

De psychotherapeut Jürg Willi introduceerde het begrip collusie in zijn boek “De partnerrelatie”. Van collusie spreek je als twee partners een extreme positie op een hetzelfde continuüm innemen. De één is zo afhankelijk omdat de ander zo onafhankelijk is en omgekeerd. Uiteindelijk remt de extreme positie de individuele groei en gelijkwaardigheid van beide partners op deze balans. Maar dit geldt voor meer relatievormen dan de partnerrelatie. Ook bijvoorbeeld voor de relatie tussen banken en burgers. Bij de banken extreem veel macht uiteindelijk resulterend in een mondiale crisis. Bij de burgers extreem veel onmacht resulterend in individuele faillissementen en oproepen tot bank runs. Er is dus behoefte aan meer macht van burgers over de eigen financiële situatie en het onvermogen van de banken om terug te geven aan diegenen waar ze hun eigen vermogen aan te danken hebben. In dit geval zou de overheid of de toezichthouder een goede relatietherapeut moeten zijn tussen beide partijen. Maar dat is zij dus niet waardoor het hele proces weer van voren af aan begint.

Reacties (0) Dec 20 2010